Jeroen Hendriksen
 
intervisie en coaching

  Cattepoelseweg 2 6821 JW Arnhem  |   T (026) 4432471 |   F (026) 3706474

 
< Home

> Wat is intervisie
> Artikelen intervisie
> Forum intervisie
Over emoties en gevoelens in de intervisiegroep

Door Jeroen Hendriksen,

Gepubliceerd in Councelling Magazine, augustus 2010,
jaargang 1/3


In dit artikel ga ik ervan uit dat het fenomeen intervisie genoegzaam bekend is onder counsellors; voor velen is het zelfs een verplichting vanuit hun beroepsvereniging om deel te nemen aan een intervisiegroep. Met dit artikel over gevoelens en emoties in de intervisiegroep beoog ik een verdieping aan te reiken m.b.t. de bestaande praktijk. Immers, het collegiaal bespreken van lastige ervaringen in je werk en het onderzoeken van de rol van je eigen persoon daarin als instrument bevordert de kwaliteit van het werk. Ruimte maken om echt door te vragen op de ingebrachte kwestie levert meer inzicht en leermateriaal op wanneer uitdrukkelijk de gevoelens en emoties van de probleemeigenaar bevraagd worden, is de stelling die ik hieronder uitwerk.
Recent wetenschappelijk onderzoeksmateriaal wijst op het belang van het bespreken van emoties en gevoelens, of het nu bij leren is, bij coaching, therapie of intervisie. In mijn observaties lopen intervisiegroepen om meerdere redenen vast in het benoemen en bespreken van emoties en gevoelens. Het is toch juist de meerwaarde die intervisie te bieden heeft! Tijd om te analyseren wat er gezegd wordt in zulke groepen, hoe emoties en gevoelens genegeerd kunnen worden en wat nuttige handvaten zijn om dit gesprek juist wel te hebben.
In deze bijdrage bespreek ik enkele herkenbare situaties in intervisiegroepen om vervolgens als een theoretisch intermezzo in te gaan op het wetenschappelijk denken over emoties en gevoelens. Ik sluit af met een aantal suggesties ter verbetering van het intervisiegesprek.

De praktijk

Een voorbeeld:
´ Schei nou eens uit, jullie doen alsof al die ellende allemaal aan mij ligt!´
Joan barst opeens uit met een stem vol wanhoop. Of is het woede! Haar collega´s in de intervisiegroep stellen haar vragen, veel vragen, open en gesloten vragen, suggestieve vragen soms. Ze zijn enorm betrokken bij de casus van Joan, ze willen haar helpen.
Joan geeft later in het gesprek aan dat ze zich door dat spervuur van vragen ontzettend benauwd voelde worden. En heel klein. Luisterde er nog wel iemand naar haar? Kon ze haar eigen verhaal nog wel vertellen? Iedereen kon toch snappen dat het niet aan haar lag dat ze in de problemen zat met haar cliënt? Waarom dan dit spervuur, deze beschuldigingen?
De gespreksleider reageert door aan de deelnemers te vragen niet te persoonlijk te worden…

Een tweede voorbeeld.
´Heerlijk dat jullie zo achter me staan, ik voel me nu helemaal gesteund!’
Benno is heel positief over de uitkomst van deze intervisiesessie. Hij voelt zich gehoord en gezien, hij heeft waardering voor het kritisch doorvragen van zijn collega´s en hij voelt zich krachtig genoeg om zijn probleem op te lossen.
Tot zijn verrassing stelt de gespreksleider voor een roddelrondje te doen, want het verhaal van Benno is te mooi voor woorden. Ze checkt haar intuďtie: er ontbreekt iets in het onderzoek van de werkvraag. Dat wordt gedeeld door de deelnemers. Benno wordt in de roddelronde geraakt door de opmerking ´Dit is nou echt Benno, hij wil over zijn cliënt praten, maar niet over zichzelf, zijn eigen aandeel in dit probleem. Hij voelt zelf weer niks!´

Wat vertellen deze voorbeelden?
Bij Joan ontstaat er een gevoel van onbehagen, op zijn zachtst gezegd, over de wijze van vragen stellen. Ze krijgt niet de kans door te dringen tot haar eigen ervaringen en emoties bij het onderzoeken van haar casus. Rust en ruimte ontbreken; de betrokkenheid van de collega’s op haar casus is erg groot en dat kan een onderzoek dat aandacht heeft voor alle aspecten van het probleem in de weg staan. Joan barst uit en geeft daardoor tegelijkertijd zicht op wat haar dwars zit. De gespreksleider negeert deze emotionele uitval en is op zoek naar een minder beladen gedachtewisseling.
Werken met een roddelrondje tijdens intervisie (om een patstelling te doorbreken) geeft vaak aan dat de verdedigingsmechanismen van de probleemeigenaar zo groot zijn dat er geen inzicht is in de eigen blokkades en vastgelopen patronen. De analyse lijkt klip en klaar, de probleemeigenaar is verheugd over de uitkomst, maar…het onbehaaglijke gevoel van de deelnemers vertelt tot Benno’s grote schrik iets anders.
Het ‘menselijk onvermogen’ om in zo’n groep de juiste vragen te stellen en door te vragen is een rem op het onderzoek naar de werkelijke aard van het probleem. Deelnemers schrikken er voor terug, weten de juiste vraag niet te formuleren, durven dat niet of weten niet precies hoe ze dat moeten aanpakken. Hoog opgeleid, therapeut of hulpverlener, dat maakt niet uit in mijn waarneming. De rol van de gespreksleider (één van de deelnemers) die de juiste interventie weet te plaatsen is essentieel, dat kan ik zeggen vanuit mijn eigen ervaring als deelnemer aan een intervisiegroep. Als deelnemer word je te vaak meegezogen in de dynamiek van het moment. De gespreksleider kan meer reageren vanuit de helikopterview.

Emoties en gevoelens

De Amerikaanse filosoof Martha Nussbaum omschrijft in haar standaardwerk over menselijke emoties ‘als intelligente gedachten over de wereld’. Iedere emotie heeft een kern van kennis in zich, is daarmee altijd ook rationeel van aard. Dat is nodig om de ervaringskennis die in de emotie zit te expliciteren. Ervaar een emotie (woede bijvoorbeeld) en ga na welke waardevolle kennis over jezelf en de wereld gepaard gaat met deze emotie. Het beschrijven van zo’n emotie houdt in dat een aantal gevoelens onder woorden gebracht wordt. Nussbaum en anderen, bijvoorbeeld wetenschappers uit de sfeer van het hersenonderzoek zoals Antonio Damasio, onderscheiden emoties van gevoelens. Dat heeft een reden. Emoties zoals woede, angst, pijn, verdriet, schaamte, vreugde en liefde zijn de kernbelevingen die met velerlei gevoelens beschreven kunnen worden. In bovenstaande voorbeelden uit de intervisiegroep komen boosheid, angst en vreugde aan bod. De gevoelens die bij de emoties horen voegen op zich niets toe aan de aanwezige emotie, maar verduidelijken deze. De neuroloog en publicist Antonio Damasio, die door Nussbaum ook aangehaald wordt, zegt op basis van zijn hersenonderzoek hetzelfde: de emotie bevat zoveel kennis, gevoelens en ervaringen dat de emoties in feite onze beslissingen regelen en niet onze puur rationele afwegingen van voor en tegen, zoals veel (oudere) wetenschappelijke literatuur ons altijd deed geloven. Het hedendaagse denken over ons brein stelt zich volgens hoogleraar en onderzoeker Ab Dijksterhuis ook op dit nieuwe standpunt.
Voor alle duidelijkheid: Nussbaum stelt dat haar opvatting over emoties cognitief van aard is.
Emoties bevatten volgens haar oordelen over de waarde van hun object. Zij illustreert dit met een prachtig en uiterst leesbaar hoofdstuk over het lijden en de dood van haar eigen moeder en welke emoties en gevoelens, dus kennis en oordelen, dit bij haar oproept. De oordelen (ook de hare!) zijn vaak moreel van aard (dit is goed, dat is slecht). We kunnen er daardoor ook naast zitten, want niet alle oordelen kloppen met de werkelijkheid om ons heen. Dat vraagt vervolgens om reflectief denken over eigen emoties en oordelen. We kunnen dan tot weloverwogen keuzes komen.
Terug naar de intervisiegroep. Aandacht voor emotionele en gevoelsmatige aspecten van een casus houdt in dat we de kern van het probleem bevragen. De vraag die dan gesteld wordt luidt bijvoorbeeld: op welke emotie loopt een oplossing vast? Of: welke oordelen en welke gevoelens staan nieuw gedrag in de weg? Als over deze vragen helderheid ontstaat, groeit er eerder een haalbaar perspectief voor de oplossing. De groep praat reflectief over die zaken waar het echt om gaat met het oog op gedragsverandering van de probleemeigenaar zelf. Bij intervisie gaat het om diens persoonlijk gedrag en het leren daarvan om tot nieuw gedrag (kwaliteitsverbetering) te komen.

Handelingsmogelijkheden voor de intervisiegroep

1. Gebruik rust en ruimte tijdens het gesprek. Natuurlijk zijn er feiten nodig rond een probleem, maar buig het gesprek tijdens de onderzoeksfase na verloop van tijd in de richting van emotionele en gevoelsmatige aspecten. Soms is het handig om dit als een tweede onderzoeksronde aan te kondigen. Vraag naar gevoelens, maar onderzoek ook de achterliggende emoties.
2. Vraag door en hou dat vol. Neem geen genoegen met een feitelijk nietszeggend antwoord. Daar is durf voor nodig. Accepteer niet dat je intervisiegroep zich in de comfortzone bevindt.
3. Machtig de gespreksleider om expliciet te letten op het doorvragen en dit te bevorderen. Natuurlijk worden aangegeven grenzen gerespecteerd, maar zie ook onder ogen dat juist in het grensgebied van enige ongemakkelijkheid het meest geleerd kan worden.
4. De probleemeigenaar geeft vaak in sleutelwoorden aan dat er een diepere laag achter zijn/haar woorden ligt. Gebruik zulke sleutelwoorden (het was ‘heftig’; wat betekent heftig voor jou?)
5. gebruik een open werkmethode voor de bijeenkomst of een methode die heel specifiek inspeelt op het onderzoeken van de rol van emoties en gevoelens (de methode Raguse of geweldloze communicatie)
6. vraag iemand van buiten de intervisiegroep om feedback te geven op de wijze van omgaan met emoties en gevoelens. Of neem je sessie op video op.

Literatuur

Damasio Antonio (2003). Het gelijk van Spinoza. Vreugde en verdriet en het voelende brein. Wereldbibliotheek Amsterdam.
Dijksterhuis, Ab.Het slimme onbewuste. Denken met gevoel. Bert Bakker, Amsterdam, 2008.
Nussbaum, Martha (2006-3). Oplevingen van het denken. Over de menselijke emoties. Ambo, Amsterdam.
Hendriksen, Jeroen (2009). Handboek Intervisie. Nelissen, Amsterdam.

Jeroen Hendriksen heeft een eigen praktijk als trainer en coach. Hij is opleider aan Dč Intervisie Academie (www.de-intervisieacademie.nl ). Hij schreef meerdere boeken over intervisie en begeleiding w.o. recentelijk het Handboek Intervisie. Binnenkort verschijnt Organisatieopstellingen bij Intervisie, geschreven samen met Anja Brasser.